Overslaan en naar de inhoud gaan

Slaapproblemen kinderen en volwassenen

Eerstelijnszorg biedt met betere diagnostiek en begeleiding oplossingen voor slaapproblemen, terwijl complexe gevallen snel kunnen worden doorverwezen. Een focus op vroegtijdige interventie door middel van verschillende initiatieven zorgt voor betere slaap in de regio.

Hieronder zie je de veranderingen waar we aan werken en de fase waarin deze zitten. De fasering is als volgt: initiatie – onderzoek – pilot – opschaling.

Veranderingen waaraan we werken

Integrale gezinspoli – Huilen in de juiste richting – JGZ-route – opschaling

Huidige situatie
Ongeveer 55% van de Nederlandse moeders is niet tevreden over de zorg voor excessief huilende baby’s. Ouders voelen zich onvoldoende serieus genomen en ervaren weinig afstemming tussen JGZ en huisarts. Hierdoor worden zij vaak van het kastje naar de muur gestuurd en krijgen zij uiteenlopende adviezen en interventies. Door stress bij ouders en beperkte kennis bij zorgverleners treedt regelmatig medicalisatie op, zoals het voorschrijven van refluxmedicatie, speciale voeding of ziekenhuisopname ter ontlasting van gezinsstress. Minder dan 5% van de circa 20.000 excessief huilende baby’s per jaar in Nederland heeft een medische oorzaak, terwijl toch jaarlijks ruim 700 baby’s worden opgenomen.

Verandering
Er komt een uniforme, regionaal gedragen en bekende aanpak voor huilbaby’s: ouders die zorgen hebben over hun excessief huilende baby komen bij de JGZ of huisarts terecht. JGZ is regiehouder, wat betekent dat de huisarts verwijst naar de JGZ tenzij er alarmerende symptomen/signalen zijn bij de baby. Bij de JGZ ontvangen ouders volgens de recente richtlijnen troosttechniek voor de huilende baby (5S-troostmethode). Daarnaast ontvangen en hebben ouders toegang tot regionaal goed vindbare en geüniformeerde informatie. Bij aanhoudende zorgen, stress of verdenking van een medische oorzaak, kan de huilbaby laagdrempelig worden doorverwezen naar de Advanced Baby Care (ABC)-poli in het St. Antonius of Diakonessenhuis, waar de baby somatisch wordt beoordeeld. Bij zorgen vanuit de kinderartsen op de ABC-poli kan een second opinion in het WZK worden aangevraagd.

Beoogd effect
Ouders weten beter wat ze zelfstandig kunnen doen en hebben meer vertrouwen in de omgang met hun huilbaby’s. Hierdoor wordt een reductie verwacht in aantal excessief huilende baby’s dat bij zorgverleners komt. Daarnaast kan bij aanhoudende zorgen of stress van de ouder laagdrempelig worden doorverwezen naar een ABC-poli, waar een huilbaby preventief vroegtijdig kan worden onderzocht, waarmee een vermindering in opnames en ligdagen wordt verwacht.

Product owner
Ineke de Kruijff, kinderarts, St. Antonius Ziekenhuis

Scrummaster
Tijn Stolk, Allegro Medical

Teamlid
Laura van der Neut (Verpleegkundig specialist Neonatologie, St. Antonius), Marie-Louise van Doorn (JGZ Utrecht Stad), vacant (iemand van JGZ regio Utrecht).

Diagnostiek slaapproblemen – onderzoek

Huidige situatie
Huisartsen gebruiken geen uniforme werkwijze voor het diagnostiseren van patiënten met slaapproblematiek. Er ontbreekt kennis en er zijn weinig handvatten om goed te diagnostiseren. Om deze reden wordt er gemakkelijk doorverwezen naar de somnoloog in de tweede lijn.

Verandering
Deze interventie gaat over het stellen van diagnoses rondom slaapproblematiek in de eerste lijn. De werkwijze voor het stellen van een diagnose bij patiënten met slaapproblematiek is daarna als volgt: de patiënt vult de online HSDQ-vragenlijst in en houdt gedurende een week een slaapdagboek bij. Het resultaat van de HSDQ-vragenlijst zal een diagnose suggereren. Deze diagnose zal door de huisarts bevestigd moeten worden. Het slaapdagboek heeft hierbij een ondersteunende rol. Alleen bij twijfel wordt een expert-huisarts geraadpleegd als deze aanwezig is in de regio. Als de expert-huisarts geen uitsluitsel kan geven, kan er een meedenkadvies bij de somnoloog worden aangevraagd. Bij blijvende onduidelijkheid, volgt een fysieke verwijzing naar de slaappoli.

Hoewel de NHG-standaard geen expliciete aanbeveling doet over het gebruik van vragenlijsten bij de diagnostiek van slaapstoornissen, sluit de HSDQ inhoudelijk goed aan bij de aanbevolen uitgebreide anamnese: de vragen uit de HSDQ ondersteunen het vervolgconsult door gestructureerd inzicht te geven in dezelfde aspecten die de NHG-standaard adviseert uit te vragen.

Beoogd effect
Minder verwijzingen naar de tweede lijn voor diagnostiek rondom slaapproblematiek.

Product owner 
Bart van Pinxteren, huisarts, Sterkz.org

Scrummaster
Tijn Stolk, Allegro Medical

Teamleden
Stéphanie van Emmerik (stadscoördinator, Sterkz.org), Ron Plooij (Consulent GGZ, UNICUM), vacant (huisarts, UNICUM)

Behandeling insomnie – onderzoek

Huidige situatie
De huisarts heeft niet genoeg kennis en handvaten om een insomniepatiënt te behandelen. De behandelopties in de eerste lijn zijn te beperkt waardoor de patiënt wordt doorverwezen naar de tweede lijn.

Verandering
Patiënten waarbij de diagnose insomnie is gesteld worden door de huisarts verwezen naar de POH-GGZ die gespecialiseerd is in slaap (ofwel: POH-slaap). Hier ontvangt de patiënt de behandeling slaaprestrictie op afstand en wordt de patiënt gevraagd een slaapdagboek bij te houden. Als een gewenst behandeleffect uitblijft, volgt digitale slaapzorg (iSleep) en/of groepstherapie slaap in de wijk. Als dan nog steeds een gewenst behandeleffect uitblijft, wordt de patiënt verwezen naar de tweede lijn.

Beoogd effect
Insomniepatiënten kunnen beter behandeld worden in de eerste lijn en hoeven niet doorverwezen te worden naar de tweede lijn.

NB: Deze verandering omvat een lopende externe pilot bij SterkZorg, waarin een centrale POH-slaap slaaprestrictie op afstand aanbiedt aan patiënten uit meerdere aangesloten praktijken. De eerste resultaten zijn veelbelovend. 

Product owner
Bart van Pinxteren, huisarts, Sterkz.org

Scrummaster
Tijn Stolk, Allegro Medical

Teamleden
Stéphanie van Emmerik (stadscoördinator, Sterkz.org), 
Ron Plooij (Consulent GGZ, UNICUM), vacant (huisarts,  UNICUM)

Mogelijke veranderingen

Veranderingen die zijn gestopt

Voorkomen langdurig gebruik van benzodiazepine na ontslag uit ziekenhuis 

We zorgen ervoor dat patiënten bij ontslag uit het ziekenhuis niet onnodig benzodiazepinen blijven gebruiken. Door het ontslagproces aan te passen, wordt automatisch bepaald of iemand moet afbouwen of kan stoppen, en wordt dit ook duidelijk vastgelegd en meegegeven aan patiënt en huisarts. Hierdoor voorkomen we dat tijdelijk gebruik ongemerkt langdurig wordt voortgezet.

Contact

Medisch coördinator
Laurien Teunissen – neuroloog – St. Antonius Ziekenhuis

Projectleider / contact
Tijn Stolk – Allegro Medical
Stuur e-mail